Ook: boom-and-bust.
Een 'boom' is een hausse, 'bust' is het plotseling uiteenspatten; een 'boom-bust' is een periode van (sterke) groei, expansie of stijging, gevolgd door een plotseling sterke krimp of daling.
Die daling kan inzetten als gevolg van gewijzigde economische omstandigheden of perspectieven, of het knappen van een zeepbel (de groei was gebaseerd op onrealistisch gebleken verwachtingen of speculatie).
Voorbeeld
'Afgelopen week kwam zakenbank Bernstein met een rapport waarin staat dat de winsten van de semiconductorbedrijven in 2028 weer zullen normaliseren. Hogere prijzen drijven vooral de huidige winstboom. Als er straks voldoende capaciteit is bijgebouwd, zullen de prijzen weer dalen. Dat betekent een flink lager winstniveau dan de huidige piekwinsten. Dat past ook bij het boom-bust-karakter van deze sector. Niet voor niets is de waardering van deze sector extreem laag. Beleggers houden er al rekening mee dat de bomen niet tot in de hemel groeien. Chipfabrikanten, zoals SK Hynix, Micron en Samsung handelen niet voor niets op een koers-winstverhouding van slechts vier.'
Bron: FD, column Corné van Zeijl - 30-07-2026.
Zie ook: boom, conjunctuurcyclus, varkenscyclus, bubbel, zeepbel, froth, koopfeest, beursfeest, bubble-economie, zeepbel, oververhitting (van de economie), hausse, baisse, correctie, dumpen, kelderen, verdampen, gebakken lucht, krach, afwaarderen, angst en hebzucht, wat de gek ervoor geeft, reflexiviteit, marktinfarct.
compleet
| Corné van Zeijl Begrippen uit de columns van deze bekende beurscommentator ... Klik hier voor meer |
Economie-typering Metaforen om specifieke verschijnselen en knelpunten in de economie te typeren ... Klik hier voor meer |
|