Dit kan bijvoorbeeld een oplopen van de korte rente betreffen (doordat banken extra geld opnemen; verhoogde vraag naar liquide middelen) of het nemen van koersverliezen voor aandelen die al eerder in het jaar in waarde daalden (omdat beleggingsmaatschappijen deze aandelen alsnog verkopen om geen slecht presterende fondsen in hun portefeuille te hoeven tonen).