dfbonline
 
Home | Begrippen A-Z | Begrip van de Dag | Thema's | Contact
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z #
Trefwoord: 

Begrip van de Dag
Volg ons op Bluesky
Volg ons op X
Abonneer u op de Begrip van de Dag feed (gratis)
Patriot's Day
Herdenking van het begin van de Amerikaanse Onafhankelijksoorlog ... >>
 Vandaag 20-04-2026
22.602 begrippen & definities
 Trending begrippen
1 bezettingsgraad
2 prudent person-regel
3 Leibniz-Institut für Wir...
4 IFO Institut
5 dark money
 Thema's
 Recent verbeterd
19-04Patriot's Day
18-04kaasschaafmethode
18-04dark money
18-04present bias
18-04Pressure Index
18-04goed huisvader
18-04prudent person-regel
17-04vrijgeven van tegoeden
17-04wie betaalt, bepaalt
17-04follow the money
 Suggesties
Mist u een begrip? Suggesties?
Stuur ons dan een e-mail.
 Meest opgevraagde begrippen
1Dogs of the Dow
2ouwe jongens krentenbroo...
3onder embargo
4out-of-pocket kosten
5debt service coverage ra...
6reconciliatie
7excasso
8penny wise, pound foolis...
9arm's length-beginsel
10Beige Book
Uw steun is hard nodig... Doneer nu

neoliberalisme

Ook: neo-liberalisme. Soms afgekort tot: neolib.
Een rechtse politieke stroming die teruggrijpt op negentiende-eeuwse liberale beginselen en een hernieuwd geloof in de kracht van de markt als coördinatiemechanisme (zie: klassieke economen) combineert met een conservatieve kritiek op de verzorgingsstaat.

In de jaren zeventig van de vorige eeuw kreeg dit gedachtengoed veel wind in de rug van politici; Margaret Thatcher en Ronald Reagan behaalden in ’79 en ’80 verkiezingsoverwinningen op basis van harde kritiek op de ‘welfare state’ (zie: welvaartsstaat) en voerden rigoureuze hervormingen door die leiden tot een versobering van de sociale voorzieningen en tot een herschikking ten behoeve van de vrije markt en ten koste van de publieke sector.

Hoofdprincipes uit het neo-liberalisme zijn ruwweg: vrije markten en onderlinge concurrentie, vrijhandel, beperkte rol van de overheid en fiscale disciplinering, privatisering, flexibele arbeidsmarkten en individuele verantwoordelijkheid.
Een heel precieze definitie van neoliberalisme is er overigens niet, het is vooral ook een label dat de tegenstanders van het neoliberale beleid gebruiken om hun ongenoegen over het beleid (en daaruit voortvloeiende misstanden) te uiten.

Veel neoliberale denkbeelden werden ook omarmd door grote bedrijven, zoals multinationals.

Voorbeeld

  • '.....na lezing van The Rise and Fall of the Neoliberal Order van de Amerikaanse historicus Gary Gerstle, kun je zomaar tot de conclusie komen dat Clinton eigenlijk de kampioen van het neoliberalisme is. Zeker als je, zoals Gerstle, een onderscheid maakt tussen de ideologie en de praktische uitvoering in een politiek-economische orde. Zo’n orde is per definitie een samenspel van ideologie, beleid en uitvoering, dat zich uitstrekt over een langere periode dan de vier jaar tussen twee verkiezingen.'
    Bron: NRC - 25-11-2022.

  • 'De overwinning van Trump is een oorlogsverklaring aan de neoliberale orde getekend door 58 miljoen Amerikanen stelt Jaap van Duijn, econoom. Het neoliberale model liep op zijn laatste benen; er zit geen verbetering in, heeft een lage economische groei en je ziet de laatste jaren een tegenbeweging ontstaan met naar binnen gekeerde economieën, het einde van de grote groei van de wereldhandel en arbeid die zich wil terug vechten om meer invloed te krijgen. Populisten als Trump zijn economisch ouderwets links maar politiek rechts zou je kunnen zeggen.'
    Bron: MeJudice nieuwsbrief - 06-12-2016.

  • 'Populistenstemmers zijn niet de ‘verliezers van de globalisering’, maar van hoe in het Vrije Westen werd gereageerd op de globalisering. Dat ‘onbehagen’ is de fallout van die reactie: marktwerking door deregulering, liberalisering en privatisering. Nog korter: het neoliberalisme. Zo is ‘globalisering’ in het politieke vocabulaire terechtgekomen: politici hebben het liever over een natuurverschijnsel waar zij machteloos tegenover staan dan over onvrede die zij zelf georganiseerd hebben.'
    Bron: NRC, column Jan Kuitenbrouwer - 26-09-2016.


Engels: neoliberalism.


Zie ook: klassieke economen, vrijemarktdenker, vrijemarktfundamentalisme, deregulering, laissez faire, laissez passer, liberalisering, privatiseren, marktwerking, aanbodzijde-economie, marktisme, economisme, economisering, financialisering, globalisering, Iron Lady, thatcherisme, Reaganomics, Trumponomics, schoktherapie. Vergelijk: deglobalisering.


Voorgaand begrip:
Volgend begrip:


Home | Doneer | Suggesties | Licenties
Voorwaarden | Privacybeleid | Colofon | Sitemap | Contact
compleet

In mineur?
Beursstemming & koersrichting: maak kennis met de terminologie...
Klik hier voor meer
Corné van Zeijl
Begrippen uit de columns van deze bekende beurscommentator ...
Klik hier voor meer
Han de Jong
Begrippen uit de columns van deze bekende macro-econoom ...
Klik hier voor meer
Economie-typering
Metaforen om specifieke verschijnselen en knelpunten in de economie te typeren ...
Klik hier voor meer