
begrotingstekort |
Ook: begrotingsgat, overheidstekort.
Negatief begrotingssaldo, dat wil zeggen dat de (geraamde) uitgaven van de overheid (centrale overheid of lagere overheden) groter zijn dan de (geraamde) inkomsten.
Het begrotingstekort wordt vaak uitgedrukt als een percentage van het bruto binnenlands product (bbp).
Hoe groter het begrotingstekort, des te groter de financieringsbehoefte van de staat. Economieën met een aanhoudend begrotingstekort moeten voortdurend geld lenen bij externe financiers, bij beleggers.
Dat is geen groot probleem als de rentestanden heel laag zijn, maar als de rentestand stijgt wordt het steeds moeilijker de overheidsuitgaven te financieren. De staatsschuld loopt dan steeds verder op, er ontstaat een oplopende 'schuldenberg'.
Voorbeeld
- 'Begrotingstekort schiet al in eerste jaar nieuw kabinet richting Europese grens - Ondanks een reeks bezuinigingen en lastenverhogingen gaat het begrotingstekort in 2027 richting de 3% van het bbp. Het beperkt de ruimte voor deals met oppositiepartijen. (.....) De penibele situatie van de overheidsfinanciën was lange tijd niet goed zichtbaar. In de eind januari gepresenteerde plannen van D66, VVD en CDA staan geen ramingen over het tekort. Maar uit een rondgang door het FD bij de onderhandelende partijen blijkt dat intern al bekend is dat 2027 een moeilijk jaar wordt. De oorzaak ligt bij onverteerde tegenvallers van het kabinet-Schoof.'
Bron: FD - 14-2-2026.
- 'Begrotingstekort minimaal, ook na box 3-tegenvaller - De jongste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek zullen opnieuw brandstof geven aan het politieke debat over te sombere ramingen van de overheidsfinanciën. Op basis van de eerste drie kwartalen van het jaar vallen volgens het CBS het begrotingstekort en de staatsschuld dit jaar hoogstwaarschijnlijk opnieuw een stuk lager uit dan geraamd, ondanks de miljardentegenvallers in de vermogenstaks.'
Bron: FD - 24-12-2024.
- 'Het Nederlandse begrotingstekort daalde van 20,4 miljard euro in 2021 naar 1,4 miljard euro vorig jaar. Dat blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Die daling is goed te verklaren, aldus hoofdeconoom Peter-Hein van Mulligen van het CBS. Het heeft namelijk alles te maken met de economische groei die Nederland doormaakt, stelt hij. In 2022 groeide de economie namelijk ontzettend hard, waarvan de overheid op zijn beurt profiteerde. 'In zulke tijden krijgen ze meer belastingen en premies binnen', duidt Van Mulligen. 'Vooral bij de winstbelasting zag je een flinke stijging. Bedrijven boekten het afgelopen jaar recordwinsten, en daar pikt de overheid een graantje van mee.''
Bron: BNR - 28-08-2023.
Engels: budget deficit.
Zie ook: begroting, budget, huishoudboekje, staatskas, begrotingsbeleid, begrotingsdiscipline, structureel begrotingssaldo, primair begrotingstekort, financieringstekort, schuldhoudbaarheid, verjubelen, potverteren, financieringsbehoefte (van de Staat / het Rijk), staatsschuld, schuldenberg, schuldhoudbaarheid, landenfaillissement, bezuinigen, ombuigen, bezuinigingspakket, austerity, twin deficit, Pact voor Stabiliteit en Groei, Maastrichtnorm, drieprocentsnorm, zalmnorm, tekortlanden, buitensporig tekort, buitensporig tekortprocedure, begrotingscommissaris, sugar rush, Roemer-effect, schuldenrem, Schuldenbremse, debt ceiling, federal shutdown, firewall. Tegenovergesteld: begrotingsoverschot. Vergelijk: begrotingsevenwicht, rote Null.
compleet
| | |